Nieuws Zakelijk & Economie

Hoe voorkomt u ruzie over de erfenis?

Dinsdag 8 maart 2016 14:22 Niets is zo ontwrichtend als ruzie over een erfenis. De grote vraag is: hoe voorkomt u dat? Elsevier zoomt in op tien recente zaken, die in een filmscenario of roman niet zouden misstaan. Plus: tips om minder erfbelasting te betalen.

Wat hebben een lege ijskast, een tandartsassistente, een horloge op een nachtkastje en een 'onwettige' dochter met elkaar gemeen? Ze waren alle vier inzet bij een juridische strijd om een erfenis. Het erfrecht staat bol van de opmerkelijke rechtszaken.

Gelukkig kunnen daaruit nuttige lessen worden getrokken. Bijvoorbeeld over hoe u heibel over uw eigen nalatenschap kunt voorkomen of ervoor kunt zorgen dat erfgenamen later niet financieel de dupe worden van een onbedoelde uitleg van uw laatste wil.

Opvallend veel uitspraken van rechters gaan over de vermeende wilsonbekwaamheid van de erflater. Was vader nog wel voldoende bij de pinken om zijn testament op te stellen of te veranderen? Of is hij vakkundig ingepakt door zijn tandartsassistente, zoals de erfgenamen in een van de honderden rechtszaken beweren?

Ook verhalen over leeggeplukte rekeningen van dementerende ouderen doen steeds vaker de ronde. Dit soort problemen is vaak te voorkomen door bijtijds in te grijpen, en een notariële volmacht of een levenstestament op te stellen. Hierin wordt bepaald wie de financiële zaken mag bestieren als de erflater dat zelf niet meer kan.

Zo wordt voorkomen dat kwaadwillenden er met de centen vandoor gaan. Een levenstestament biedt ook de kans om medische en persoonlijke zaken vast te leggen. Wie mag met de artsen overleggen? Wie zorgt er straks voor de poes?

Wilsonbekwaamheid is lang niet het enige twistpunt waarover erfgenamen overhoop kunnen liggen, zo blijkt uit recente, hiernavolgende rechterlijke uitspraken. ­ De namen zijn gefingeerd, de kwesties niet. Het deskundige commentaar is van prof.mr.dr. Bernard Schols, hoogleraar successierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

1. Een lege ijskast

Op hun moeders sterfdag regelen Paul en Eva, samen met hun partners, de uitvaart. Tijdens het regelen krijgen ze trek, maar in het huis van moeder is niets eetbaars te vinden. Ze wonen te ver weg om thuis te eten, dus nemen ze met z'n vieren een eenvoudig hapje in een restaurant. De rekening van 119 euro betalen ze met moeders pinpas.

Enige tijd later aanvaarden ze moeders erfenis beneficiair, wat betekent dat ze deze alleen accepteren bij een positief saldo. Slim, want de moeder blijkt meer schulden dan bezittingen te hebben. Een van de schulden is een vordering van hun overleden broer, van ruim 11.000 euro. Diens weduwe Marjolein wil die vordering op Paul en Eva verhalen, omdat zij in haar ogen de erfenis zonder voorbehoud ('zuiver') hebben aanvaard. Door op kosten van de overledene en dus ten laste van de erfenis uit eten te gaan, hebben zij zich als echte erfgenamen ge­dragen en zijn ze aansprakelijk voor moeders schulden. Het gerechtshof in Den Haag geeft Marjolein gelijk, maar de Hoge Raad maakt daar in 2015 korte metten mee. De eenvoudige maaltijd valt, gezien de omstandigheden, gewoon onder de uitvaartkosten.

prof.mr.dr. Bernard Schols is oud-notaris en tegenwoordig hoogleraar successierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij studeerde notarieel recht en Nederlands recht in Nijmegen en belastingkunde in Tilburg. Schols is in 1963 geboren in Heerlen. Zijn advies:

'Ook al loopt het hier op het nippertje goed af, de boodschap blijft om, met het oog op de eventuele aansprakelijkheid voor de schulden van de nalatenschap, zo snel mogelijk beneficiair te aanvaarden. Er wordt dan als het ware een hek gezet om het privévermogen. Het goede van deze uitspraak is het soepele juridische gemoed van de Hoge Raad. Dit heeft ongetwijfeld te maken met het standpunt dat de adviseur van ons hoogste rechtscollege, de advocaat-generaal, in deze kwestie innam. Hij is van mening dat het recht voor gewone mensen begrijpelijk moet blijven en niet moet leiden tot toepassingen die een absurde uitkomst tot gevolg hebben. Prachtig toch? Overigens is inmiddels wetgeving in de maak waardoor iemand niet meer zo snel aansprakelijk is voor de schulden van de nalatenschap. Tot die tijd is het devies: voorzichtig omspringen met de tijdbom die erfrecht heet.'

2. De tandarts- assistente

Het oude hart van tandarts Peter vatte vlam oor zijn assistente Esmée. Zijn kinderen waren er een stuk minder vrolijk onder. Vooral toen na Peters overlijden bleek dat de tandarts zijn testament had gewijzigd, ten faveure van zijn nieuwe vlam. Was hier nou sprake van echte verliefdheid of juist van erfrechtelijke manipulatie? De kinderen, overtuigd van het laatste, stappen naar de rechter. Die oordeelt dat Esmée in alle redelijkheid geen rechten kan ontlenen aan het door Peter opgestelde testament, omdat zij gewiekst te werk is gegaan met het doel om zichzelf tot enig erfgenaam te benoemen. Zij maakte Peter steeds afhankelijker van haar en schermde hem af van zijn sociale omgeving. Maar bij het gerechtshof in Den Haag haalt zij in 2014 alsnog haar gelijk. Peter was wilsbekwaam – hij wist dus wat hij deed – en is destijds zorgvuldig door de notaris voorgelicht en 'doorgezaagd' over de gevolgen van de testamentwijziging. Esmée ging bovendien niet mee naar de notaris en Peter was consistent in wat hij wilde.

prof.mr.dr. Bernard Schols:

'Tegenwoordig wordt er wel erg vaak geprocedeerd met de stelling dat vader of moeder hun wil niet meer goed konden bepalen toen ze hun testament maakten. Of misschien zelfs al aan het dementeren waren. De notaris controleert nauwgezet of degene die een testament wil maken wel wilsbekwaam is en door niemand onder druk wordt gezet. Hij stel kritische vragen en vinkt een protocol af. Ook in dit geval is de notaris blijkbaar zorgvuldig te werk gegaan.

'Zelf kan ik genieten van het juridisch tegenwicht dat de rechter biedt aan het te lichtvaardig procederen over de nalatenschap van de oudere medemens. Ook al is het hoofd van de tandarts op hol gebracht door de liefde, dat wil nog niet zeggen dat hij niet wist wat hij deed. In de filosofische woorden van de rechter: “Het behoort tot het persoonlijke domein van erflater om zich door zijn eigen gevoelens en beweegreden te laten leiden bij het formuleren van zijn uiterste wil.” En: “De erflater bepaalt wie wat krijgt uit zijn nalatenschap en niet (!) zijn kinderen of anderen.”'

3. Tergend trage executeur

Trudy is door haar tante benoemd tot executeur – ofwel uitvoerder – van tantes nalatenschap. Ook is Trudy, met veertien andere familieleden, benoemd tot erfgenaam. In het testament staat dat Trudy en haar man de prachtige Italiaanse villa van tante krijgen toebedeeld. De waarde daarvan komt in mindering op haar erfdeel. Maar de door Trudy ingeschakelde makelaar schat die waarde wel erg laag – en dus in haar voordeel – in, vinden de overige erfgenamen. En is het nu echt nodig dat Trudy en haar man zo veel reiskosten maken naar Italië, inclusief lunches en diners, ten laste van de nalatenschap? Moest ze echt ruim 8.000 euro uitgeven aan een oppas voor tantes katten? Bovendien maakt ze bepaald geen haast met de afwikkeling. Ze krijgt zelfs een boete voor het te laat indienen van de aangifte erfbelasting in Italië. Kortom: Trudy maakt er volgens de anderen een erfrechtelijk potje van. Ze eisen Trudy's ontslag als executeur en vinden het gerechtshof in Den Haag in 2015 aan hun zijde. Het hof weegt zwaar mee dat er na bijna vijf jaar nog altijd geen adequate boedelbeschrijving ligt, terwijl de kosten oplopen.

prof.mr.dr. Bernard Schols:

'Een reden om een executeur te ontslaan, is uiteraard gerechtvaardigd wantrouwen tegen de executeur, omdat hij bijvoorbeeld dingen doet die echt niet door de beugel kunnen, zoals het verduisteren van spullen uit de boedel. Ook het weigeren om inlichtingen te geven over de erfrechtelijke financiële stand van zaken kan een reden voor ontslag van een executeur zijn. De executeur moet na het overlijden zo spoedig mogelijk een beschrijving van de boedel maken. In de praktijk wordt dit nog wel eens “vergeten”.

'Is de executeur, na aangemaand te zijn, hierin toch hardleers, dan kan zijn laksheid hem nog wel eens fataal worden en tot ontslag door de kantonrechter leiden. In de praktijk komt het steeds vaker voor dat mensen daarom een professionele executeur benoemen, zoals een notaris, een accountant of een bankinstelling. Niet iedereen heeft immers het gezag van de aimabele, erfrechtelijke manager.'

4. Cremeren of begraven?

Niet alle erfrechtelijke ruzies gaan over de verdeling van de erfenis. Zo daagt Elize de uitvaartverzorger van haar vaders begrafenis voor de rechter, omdat die haar vader had laten cremeren, in opdracht van zijn vriendin. Vader had daar zelf niets over vastgelegd. Vlak voor zijn crematie had Elize nog tevergeefs in een kort geding geëist dat hij zou worden begraven. Als 'troostprijs' kreeg ze wel de helft van vaders as toebedeeld en mocht ze, samen met haar man, haar opgebaarde vader bezoeken, in het huis van zijn vriendin.

Nu alles achter de rug is, eist Elize 100.000 euro schadevergoeding van de uitvaartverzorger. Hij had haar, als enige erfgename, niet mogen passeren en zij heeft hierdoor niet naar haar wens afscheid kunnen nemen van haar vader. Dat heeft haar verdriet gedaan. Het gerechtshof in Amsterdam is het in 2015 niet met haar eens. Degene die de overlijdensakte overlegt bij de uitvaartverzorger – in dit geval was dat vaders partner – kan de uitvaart regelen. Een erfgenaam heeft hierin geen sterker recht. Het kost de erfgenaam in dit geval wel ruim 10.000 euro aan juridische kosten, want die komen voor rekening van Elize.

prof.mr.dr. Bernard Schols:

'Tegenwoordig kun je bijna niet meer over erfrecht praten zonder het over de erfrechtelijke vertrouwenspersoon te hebben: de executeur. In deze uitspraak zou dat een begrafenisexecuteur kunnen zijn, ook wel “de executeur met één ster” genoemd.

'Wie vragen als “wie regelt de uitvaart en wat zijn de wensen ten aanzien daarvan” voor wil zijn, benoemt zo'n executeur en ­bespreekt al tijdens zijn leven met deze ­vertrouwenspersoon het scenario van de ­begrafenis of van de crematie.

Van de tafelschikking bij de koffietafel – of in het Zuiden de keuze van de begrafenisvlaai – tot de muziek die tijdens de plechtigheid moet worden gedraaid. Kortom, problemen zoals in deze casus kunt u in uw laatste wil eenvoudig voor zijn. En wat te ­denken van het beheer van de digitale nalatenschap? Wie heeft toegang tot de wachtwoorden van de overledene, oftewel tot de (erfrechtelijke) cloud?'

5. Pleegkind de klos

In 2012 overlijdt Mijntje, een jaar na haar man Bas. Ze laat haar vermogen na aan haar dochter Marjan, haar drie stiefkinderen uit het eerste huwelijk van Bas en aan Lotte, de kleindochter van Bas en tevens Mijntjes pleegdochter. Iedere erfgenaam krijgt zo'n 15.000 euro. Daarmee neemt dochter Marjan geen ­genoegen. Ze eist haar legitieme portie op: het deel waarop ze wettelijk recht heeft. Voor de berekening daarvan tellen ook de eerdere schenkingen mee die Mijntje aan haar vijf erfgenamen deed: 22.500 euro per persoon.

Bij de drie stiefkinderen is voor ­Marjan niets te halen, zij hebben volgens het erfrecht evenveel rechten als Marjan. Pleegkind Lotte is wel de klos. Marjan eist bij de ­kantonrechter in Utrecht niet alleen Lotte's erfdeel, maar ook haar schenking op. Lotte's verweer dat dit nooit Mijntjes bedoeling kan zijn geweest, vindt bij de rechter in 2015 geen gehoor.

prof.mr.dr. Bernard Schols:

'Sinds 2003 is de aard van de legitieme portie sterk veranderd. Daarvoor werd een kind door een beroep te doen op de legitieme portie automatisch erfgenaam en daarmee rechtstreeks gerechtigd tot een deel van de nalatenschap, ook als het kind onterfd was. Tegenwoordig is de ­legitieme portie enkel een schadever­goeding in geld.

Een onterfd kind blijft ­onterfd en kan alleen geld claimen en géén spulletjes uit de erfenis. De erflater kan zelfs bepalen dat de legitieme portie pas hoeft te worden uitgekeerd als zijn partner overlijdt. Dat kan wel even duren. En een beetje ­'lustige Witwe' (vrolijke weduwe) laat bij haar overlijden niet al te veel meer over.

Een ­beroep op de legitieme portie moet bovendien gebeuren binnen vijf jaar na het overlijden. Is het kind daarmee eén dag te laat, dan krijgt het niets. Ook is de legitieme portie maar de helft van wat het kind zou krijgen als het niet was onterfd. De wet­gever heeft in 2003 de legitieme portie van de ­eigen kinderen verkleind om eventuele stiefkinderen gelijk te kunnen stellen: dit wordt de Assepoesterproblematiek genoemd. Maar voor pleegkinderen biedt dit geen soelaas.'

6. Gesteggel over waarde huis

Het is vreemd maar waar: soms betaal je als erfgenaam over een groter bedrag erf­belasting dan je in werkelijkheid krijgt. Zo ook in deze zaak. De nalatenschap van Elizabeth bestaat voornamelijk uit haar huis. Aan haar zoon Pieter laat zij een legaat na, in dit geval een bedrag, 10 procent van de waarde van haar erfenis. Dit komt neer op ruim 45.000 euro.

Tot Pieters grote verbazing legt de belastinginspecteur hem vervolgens een aanslag erfbelasting op over een waarde van ruim 62.000 euro, 17.000 euro meer. Wat blijkt: de belastinginspecteur gaat uit van de waarde volgens de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ) van het huis, en die ligt bij het huis van Elizabeth aanzienlijk hoger dan de verkoopwaarde.

Pieter is het daar niet mee eens en gaat tegen de belastingaanslag in beroep, maar krijgt nul op rekest, zowel bij het gerechtshof in Amsterdam als in 2015 bij de Hoge Raad. De Successiewet, waarin de erfrechtelijke spelregels zijn neergelegd, bepaalt nu eenmaal dat de WOZ-waarde leidend is bij de waardering van een geërfd huis. Het voelt onrechtmatig, maar Pieter komt niet onder de hogere aanslag uit.

prof.mr.dr. Bernard Schols:

'Deze uitspraak doetgek aan, want de erfgenaam moet belasting betalen over iets wat hij niet heeftontvangen. Dat is op het randje, maar heeft ermee te maken dat sinds 2010 woningen voor de schenk- en erfbelasting gewaardeerd moeten worden op de WOZ-waarde. In dit geval is er, door te werken met een percentage, een relatie tussen het bedrag dat aan Pieter wordt uitgekeerd en de waarde van het huis (lees: de WOZ-waarde van het huis).

De Hoge Raad paste deze waarderings­filosofie al in 1995 toe bij zogeheten langst­levendentestamenten, waarbij de woning werd toebedeeld aan de langstlevende partner en de kinderen een daarvan afgeleide vordering op de langstlevende erfden. Ik denk dat de Hoge Raad ook nu niet wilde afwijken van de eenmaal ingeslagen weg, terwijl dat in deze zaak naar mijn mening wel redelijk was geweest.'

7. Leeggeplukte bankrekening

Michiel bestiert de financiën van zijn moeder Carla, die in een verpleeghuis zit. Hij is gevolmachtigd op al haar bankrekeningen, ook op haar Zwitserse, waar bijna 650.000 euro op staat. Michiel reist af naar Zwitserland en boekt het geld over naar zijn eigen rekening.

Een schenking, beweert hij later. Als Carla overlijdt, is Michiel executeur. Ook is hij erfgenaam, met zijn pleegbroer Frank. Frank informeert naar de Zwitserse rekening, maar Michiel zegt van niets te weten. Als Frank de gegevens toch boven tafel krijgt, sleept hij Michiel voor de rechter. Die kan niet bewijzen dat er sprake was van een schenking.

Het hof in Den Haag oordeelt in 2015 dat Michiel door het opzettelijk verzwijgen van de Zwitserse rekening zijn helft van dat Zwitserse geld heeft 'verbeurd': hij moet alles overboeken naar Frank. Het wordt nog erger. Ook de door Michiel betaalde schenkbelasting en de door hem betaalde inkeerkosten (die hij moest betalen toen hij het Zwitserse geld aangaf bij de fiscus) mag hij niet in mindering brengen.

prof.mr.dr. Bernard Schols:

'Uit deze uitspraak blijkt dat je bij de verdeling van een nalatenschap je aandeel als erfgenaam kunt verbeuren als je bij de verdeling van de nalatenschap goederen verzwijgt. Een doeltreffende techniek, die erfrechtelijke advocaten steeds meer inzetten. Maar er speelt meer.

'Tegenwoordig kan de fiscus, als de aangifte erfbelasting over buitenlandse tegoeden onjuist of onvolledig is gedaan, ook na tientallen jaren deze belasting navorderen. Er bestaat geen termijn meer voor deze navorderingsaanslag. Heftig. De rechter heeft wel bepaald dat als de navorderingstermijn volgens de oude regels was verstreken, deze door de nieuwe regel niet herleeft.

'De onbeperkte navordering is deel van de 'Edel­weiss­problematiek': allerlei maatregelen om te voorkomen dat een nalatenschap, bijvoorbeeld via Zwitserland, met hulp van executeurs wordt weggesluisd. Zo is een executeur tegenwoordig verplicht om aangifte erfbelasting te doen, waarna hij hoofdelijk aansprakelijk is voor de betaling van de erfbelasting. Deze aansprakelijkheid geldt niet als de executeur geen blaam treft.'

8. Verzwegen 'onwettige' dochter

Als Willem overlijdt, lijkt zijn neef Hans de enige erfgenaam en executeur te zijn. Tien jaar later meldt ene Diane zich bij de rechter. Zij beweert dat ze Willems dochter is en eist alsnog haar legitieme deel van de erfenis op. Als bewijs overlegt ze een vonnis uit 1967, waarin bewezen wordt geacht dat haar moeder 'vleselijke gemeenschap heeft gehad' met Willem, waarop Willem destijds werd veroordeeld tot het betalen van alimentatie.

Diane vindt dat haar neef zich ten koste van haar heeft verrijkt, door bij de afwikkeling van de ­erfenis haar bestaan te verzwijgen. Ze eist smartegeld. Hans beweert dat hij de kandidaat-notaris destijds wel degelijk van haar bestaan op de hoogte had gesteld. Die kan zich dat niet herinneren. Het lijkt de rechter aannemelijk dat Hans inderdaad Diane's bestaan ­onder het tapijt probeerde te vegen.

Uiteindelijk slaagt Hans er toch in om drie getuigen onder ede te laten verklaren dat hij de kandidaat-notaris op de dochter heeft gewezen. Waarop de rechter in Den Haag in 2014 de vordering van Diane afwijst.

prof.mr.dr. Bernard Schols:

'Om als kind volgens de wet als erfgenaam te kunnen worden aangemerkt, moet er sprake zijn van een familierechtelijke band. Deze kan tot stand komen door geboren te worden binnen een huwelijk of door adoptie of erkenning. Een biologische betrekking alleen is dus niet voldoende om erfrechtelijke aanspraken te hebben. Wel kan de rechter, na het overleggen van DNA, het vaderschap gerechtelijk vaststellen, waardoor er familierechtelijke betrekkingen ontstaan en dus ook erfrechtelijke.

'Eerder speelde een erfrechtelijke zaak waarbij gerechtelijk werd vastgesteld dat een vrijgezelle notaris een kind had verwekt. Dit gebeurde op basis van DNA op de likranden van de enveloppe waarin een liefdesbrief van hem zat. DNA heeft dus niet alleen een belangrijke betekenis in het strafrecht, maar ook in het erfrecht. Het is zelfs denkbaar dat 'de kist' weer moet worden geopend voor een (klein) DNA-onderzoek. Let wel: in bovenstaande zaak van Diane was de termijn van vijf jaar om een beroep te doen op de legitieme portie al verlopen.'

9. Gewraakte ik-opa-testament

Wie een ouder testament heeft, moet dat ­bijtijds tegen het licht houden. Een aantal van die testamenten kan voor problemen zorgen. Eén daarvan is het ooit populaire ­ik-opa-testament. Hierbij benoemt de grootouder zijn kinderen tot erfgenaam, en legt hun de 'last' op bij hún overlijden geld uit te keren aan hun eigen kinderen. Ze zijn dat bedrag dus schuldig aan hun kroost.

Dit zorgde voor 2010 voor een grote aftrekpost op de erfbelasting voor de kleinkinderen als hun ouders overleden. Ze hoefden niet twee keer af te rekenen met de fiscus. Die aftrekpost is vervallen, waardoor zo'n testament nu onvoordelig uitpakt.

Helaas was Hendrik daarvan niet op de hoogte. Als hij overlijdt, bevat zijn testament nog steeds de gewraakte formulering. Zijn enige erfgenaam Tom, zelf vader van enkele kinderen, is ervan overtuigd dat Hendrik dit zou hebben aangepast als hij het had geweten. Tom stapt daarom naar de rechter in Breda. Die doet in 2015 een interessante uitspraak.

Hij interpreteert de constructie zo dat Hendrik toch rechtstreeks geld heeft nagelaten aan Toms kinderen, via een zogeheten legaat, en zij niet twee keer erfbelasting hoeven af te rekenen.

prof.mr.dr. Bernard Schols:

'Hét voorbeeld van alle opa's en oma's is de beroemde, helaas veel te vroeg overleden Amerikaanse soulzanger Solomon Burke (1940-2010). Hij zorgde voor zoveel nazaten, dat hij – uitgaande van een vrijstelling van 20.000 euro per kind of kleinkind – in Nederland tonnen aan erfbelasting had kunnen besparen. Immers: twintig kleinkinderen betekent twintig keer 20.000 euro, dat is bij elkaar 400.000 euro aan vrijstelling. En dat zowel bij het over­lijden van opa als bij het heengaan van oma.

'Voor wie minder nageslacht heeft, bood tot 2010 het ik-opa-testament nog lucht, maar dit wordt sindsdien door de fiscus bestreden. Opa mag weliswaar bepalen dat zijn kinderen een bedrag uit de erfenis schuldig moeten erkennen aan hun kinderen, maar alleen als het om een zogeheten legaat gaat, zoals uit de casus blijkt. Het mag duidelijk zijn: check uw testament, grootouders.'

10. Boek op buitenlands nachtkastje

Tot 1996 woont Jan in Nederland. Hij verblijft een tijdje op Curaçao, tot hij in 2001 mooie kansen ziet voor een schrootverwerkings­bedrijf in Puerto Rico. Hij vestigt zich daar en huwt een Puerto Ricaanse. Het leven lacht hem toe. Tot hij, eind 2008, zijn bedrijf verkoopt en naar Nederland afreist, waar hij korte tijd later overlijdt. Dan begint het juridische getouwtrek.

Woonde Jan in Nederland of in Puerto Rico? De Nederlandse fiscus ziet graag dat zijn vermogen, ruim 4 miljoen euro, onder de Nederlandse erfbelasting valt. Jans zoon, zijn erfgenaam, heeft een voorkeur voor het milde belasting­klimaat in Puerto Rico. De belastinginspecteur haalt bakzeil. Waarom? Jan had nog werkafspraken staan in Puerto Rico en er lagen daar nog allerlei persoonlijke eigendommen op zijn nachtkastje, zoals zijn horloge en het boek dat hij aan het lezen was. Dat hij zich oriënteerde op een mogelijke terugkeer naar Nederland, is onvoldoende om de inspecteur gelijk te geven.

prof.mr.dr. Bernard Schols:

'Belangrijk te weten is dat er een verschil is tussen de internationale erfrechtelijke en fiscale spelregels. Zo kan het Nederlandse erfrecht van toepassing zijn, terwijl er Duitse erfbelasting is verschuldigd. Daarnaast hebben we de fiscale tienjarenregeling, voor Nederlanders die zich in het buitenland vestigen. De eerste tien jaar na emigratie worden ze voor het successierecht behandeld alsof ze nog in Nederland wonen. Deze meneer was blijkbaar langer dan tien jaar weg.

'Elk land heeft zijn eigen fiscale aanknopingspunten. Daardoor kan over een nalatenschap verscheidene keren erfbelasting verschuldigd zijn, in verschillende landen. Nederland heeft niet veel verdragen om dubbele erfbelasting te voorkomen. Sinds 17 augustus 2015 heeft Europa wel een nieuw internationaal erfrecht, dat meer vrijheid biedt om in het testament te bepalen welk erfrecht van toepassing is. Zo kan een Nederlander die in België woont, kiezen voor het Nederlandse erfrecht. Dit is géén fiscaal recht. Waar u erfbelasting bent verschuldigd, kunt u niet kiezen, zoals ook blijkt uit deze casus.'

Elsevier nummer 10, 12 maart 2016


bron: Elsevier
Elsevier

Reacties

  • wat heeft dit nieuws met de beurzen te maken of hoort dat ook bij de beurs

    jan 08 maart 2016 15:50:13





 

Beurs RSS Feed

Het laatste nieuws als eerste ontvangen kan dankzij de beurs.nl RSS Feed