*

Advies & Analyse

Alarmbellen rinkelen voor aandelensprookje

maandag 10 juli 2017 08:00

In de periode na de Amerikaanse presidentsverkiezingen vorig jaar, bewogen Amerikaanse aandelen en obligaties op basis van hetzelfde verwachtingspatroon: beide anticipeerden op een versnelling in economische groei. Aandelenkoersen stegen en obligatieprijzen daalden, waardoor hun rendementen opliepen, omdat werd gedacht dat groei (uit)eindelijk zou leiden tot een stijging van inflatie. Maar de laatste maanden lopen de verhalen van aandelen- en obligatiemarkten niet meer parallel.

Aandelentrein op volle stoom
Amerikaanse aandelen blijven hun opwaartse trend vervolgen dit jaar, record na record wordt verbroken. Maar obligatiekoersen lopen de laatste tijd eveneens op met dalende Treasury yields als gevolg. De obligatiemarkt impliceert hiermee een  lagere verwachting voor de rente, waarmee juist een toekomst wordt voorzien met afnemende groei en dalende inflatie.

De aandelenmarkt gelooft niets van dat verhaal en dendert door alsof er niets veranderd is of veranderen zal. Aandelenbeleggers blijven overtuigd van gesynchroniseerde wereldwijd aantrekkende economische groei. In de Verenigde Staten wordt dit nog eens aangewakkerd door stijgende reflatieverwachtingen sinds het moment dat Trump president werd en het huidige lage werkloosheidsniveau.

Waarschuwingssignalen duiden op gelijk obligatiemarkt
Maar er zijn weinig tekenen dat krappe omstandigheden in de arbeidsmarkt ook zullen leiden tot bovengemiddelde loongroei. Waar dit vroeger wel vaak het geval was, keren uittreders – onder meer door demografische ontwikkelingen – tegenwoordig lang niet allemaal op de arbeidsmarkt terug.             Bovendien wordt de stijging van aandelen nog maar gedragen door een handjevol ondernemingen: Apple, Facebook, Amazon, Microsoft en Google zijn dit jaar goed voor de helft van de winst in de S&P500-index. Uit de historie blijkt dat vooruitgang die niet breed, maar zó smal wordt gedragen, vaak op termijn niet veel goeds belooft.

Naast de tanende hoop op (snelle) stimulerende beleidsmaatregelen vanuit Washington – waar Trump zich via twitter vooral bezig lijkt te houden met zijn hetze tegen de media –  beginnen ook harde economische data een vlakke lijn te vertonen. Indices van inkoopmanagers (PMI’s, Purchasing Managers Indices), bankleningen, auto- en bedrijfskredieten zijn afgevlakt en beginnen te dalen. Beleggers zullen vroeg of laat hun verwachtingen toch op dit soort harde data gaan baseren. En ondanks een oplopende rente (de Fed verhoogde in juni nog met 25 basispunten) weigert de rentecurve steiler te worden. Hoge economische groeiverwachtingen gaan vaak gepaard met een meer hellende rentecurve, maar deze is in tijden niet zo vlak geweest.

Overreactie op ECB-uitlatingen
De alarmbelletjes die aldus beginnen te rinkelen, maken dat de obligatiemarkt een waarheidsgetrouwer verhaal vertelt dan het aandelensprookje doet geloven. Maar voordat de oorlog gewonnen is, wordt wel eens een slag verloren.

Op het commentaar van Draghi vorige week, waarin hij zei dat de ECB te allen tijde de parameters van haar beleidsinstrumenten kan veranderen, nam de verwachting voor versnelde normalisatie van monetair beleid flink toe. Dit resulteerde in een verkoopgolf van staatsobligaties. De yield op tienjaars Amerikaanse Treasuries steeg met twaalf basispunten en het rendement op tienjaars Europees staatspapier bereikte met een stijging van gemiddeld 21 basispunten zelfs het hoogste punt sinds 2015.

De woorden van Draghi werden uitgelegd alsof hij plots in een havik was veranderd. De markt zal echter snel genoeg (weer) beseffen dat de ECB niets verandert aan de plannen om met uiterste voorzichtigheid en op een heel geleidelijke manier haar monetaire expansie terug te schroeven.

Geen recessie, wel een correctie
Als de obligatiemarkt gelijk krijgt, zou het te voorbarig en rigoureus zijn om het woord recessie in de mond te nemen, al zijn er altijd ‘analisten’ die waarschuwen voor een aanstaande aandelenbeurskrach. Commodity guru Jim Rogers en de Zwitserse investeringsspecialist Marc Faber voorspellen een aanstaande financiële crisis van apocalyptische proporties. Royal Bank of Scotland roept al vanaf begin vorig jaar om alles te verkopen met de boodschap dat een volgende crisis die net om de hoek ligt, net zo erg wordt als die van 2008. Een optimist zal dit soort doemdenkerij aan de zuurpruimen overlaten, maar niemand kan ontkennen dat Amerikaanse aandelen duur beginnen te worden op basis van gemiddelde historische waarderingen. Tezamen met afvlakkende economische groei en lonen die niet zullen stijgen met dalende werkloosheidscijfers in de Verenigde Staten, wordt de kans op een dip in de  Amerikaanse aandelenmarkt – zoals vaker gezien in deze al acht jaar durende hausse – op korte termijn groter.

Het zou daarom niet onverstandig zijn om Amerikaanse aandelen te verruilen voor Europese. Positieve IFO-cijfers – een voorlopende conjunctuurindicator­ – tonen een stijgend vertrouwen van Duitse ondernemers in de grootste economie van de Europese Unie. En dat onderstreept de robuustere groeifase waar de eurozone momenteel inzit, des te meer.

Lees ook: Tegenvallende eerste jaarhelft voor grondstoffen


Wilt u op de hoogte blijven van alle actuele adviezen voor deze aandelen? U kunt zich als abonnee aanmelden voor de alerts. Vink onderaan dit artikel het fonds aan of ga voor het volledige overzicht naar de alertspagina op onze website.


The post Alarmbellen rinkelen voor aandelensprookje appeared first on Beleggers Belangen.